Narcis

Vraag een willekeurige toerist naar de redenen waarvoor Nederlanders bekend zijn in het buitenland. In willekeurige volgorde komen molens, klompen en tulpen voorbij. Wat betreft de klassieke molens, het aantal daarvan is de afgelopen eeuw alleen maar gedaald. Echter het aantal windmolens is de afgelopen jaren explosief gestegen. Rij maar eens door de Flevopolders, door de spreekwoordelijke bomen is daar het bos niet meer te zien. Het gebruik van klompen is ook niet meer dat wat het was, in de grote steden komen voornamelijk sneakers voor. Daarentegen lopen op het platteland nog wel personen op klompen rond en Kuiper verkoopt ze met enige regelmaat.

De enige in het rijtje dat nog enigszins stand houdt zijn de tulpen. Echter voor hetzelfde geld had het narcissen kunnen zijn. Want net als de teelt van tulpen is de teelt van narcissen in Nederland één van de omvangrijkste in de wereld, zo niet de grootste.

Waarom men tulpen wel met Nederland associeert en narcissen niet, blijft voor een deel een raadsel. Want in het voorjaar in een willekeurige Nederlandse plaats staan er op meer locaties narcissen in de gemeentelijke plantsoenen dan tulpen. Zo ook Koekange, aan de Sportlaan en de Meidoorn staan hele velden met narcissen. Zal deels wel te maken hebben met het feit dat de narcissen eerder bloeien en dan kan de grasmaaier de uitgebloeide planten eerder meenemen.

De narcis komt in het wild in een groot gebied voor, bestaande uit Europa, het noorden van Afrika en het westen van Azië. Het oorspronkelijke gebied ligt naar alle waarschijnlijkheid op het Iberisch schiereiland. De plant is algemeen bekend met een gele bloem als meest voorkomende kleur. Echter er zijn soorten met bijvoorbeeld geel en witte, geel en oranje of wit en oranje bloemen. Om alle kleurencombinaties hier te noemen, is de Koegang mogelijk te klein. Door de moderne kweekmethodes zijn er tegenwoordig meer dan 13.000 geregistreerde variëteiten.

Verschenen 19 maart 2014