Schorsmarpissa

Ik heb een jongere zus die bang is voor spinnen. Arachnofobie heet dat met een duur woord. Toen we beiden nog jong waren, pestte ik haar daar wel eens mee. Maar ik moet ook zeggen, dat ik geprobeerd heb om haar van die angst af te laten komen. Niet geheel gelukt, maar “doodangsten” heeft ze niet meer. Zelf heb ik geen angst voor deze geleedpotigen, hoewel ik ooit door een kruisspin ben gebeten. Maar dat voelde slechts aan als een speldenprik.

De kruisspin is één van de ruim 600 spinnensoorten in Nederland. Tevens een van de meest opvallende, want op veel plekken kun je dit soort in een groot web zien hangen. Maar er zijn natuurlijk andere opvallende spinnen. Zo kun je in de huis- of slaapkamer de grote trilspin tegenkomen, met zijn kenmerkende lange poten en zijn relatief klein lichaam. Daarnaast loopt buiten de grote hooiwagen rond, die gezien zijn lange poten en kleine lichaam veel weg heeft van de grote trilspin.

Maar er bestaat ook een spinnensoort die in Nederland algemeen voorkomt, maar waar je nauwelijks iets van hoort. Het betreft de schorsmarpissa, die soms zelfs binnenshuis te vinden is. De kans is zelfs reëel aanwezig dat je hem al gezien hebt. Bijvoorbeeld op een mooie en zonnige dag en je zit rustig op een bank in de tuin. Dan kan hij dan zomaar ineens voorbijkomen. Het is een platte, harige en langwerpige spin met een vrij rechte voorkant. Zijn lengte bedraagt ongeveer een centimeter. Vanwege zijn naam doen zijn kleuren aan die van boomschors denken.

De schorsmarpissa behoort tot de familie van de springspinnen. De spinnen uit deze familie kunnen geen web maken. Ze jagen derhalve hun prooien op zicht door ze te besluipen en onverhoeds bespringen. Ze zijn daartoe uitgerust met een paar grote ogen aan de voorkant van hun kop. Overigens heeft de schorsmarpissa nog drie paar kleinere ogen, maar die staan meer naar achteren op zijn kop.

Verschenen 10 mei 2017