Basterdzandloopkever

Roofdieren spreken bij veel mensen tot de verbeelding. Evenals grote roofvogels dat doen. Het zijn dieren met symbolische eigenschappen zoals moed, kracht en snelheid. Niet voor niets staan sommige daarvan in het wapen van verschillende landen, adellijke families en organisaties. Zo heeft Duitsland een adelaar in het wapen en in Nederland heb je uiteraard de leeuw. Dat laatste is op zich een beetje vreemd, want de leeuw komt in ons kikkerlandje in het wild niet voor.

Veruit de meeste roofdieren en roofvogels komen om uiteenlopende redenen echter niet op een wapen voor. Ze zijn niet interessant genoeg, te lelijk of te klein, noem maar op. Zo loopt op het Dwingelderveld bijvoorbeeld de basterdzandloopkever rond, die op geen wapen voorkomt. Te klein, want gezien zijn naam hoef je geen groot beest te verwachten. Het is namelijk een insect van bijna twee centimeter lengte. Maar wel een grote rover met een set gigantische kaken. Relatief gezien natuurlijk.

De basterdzandloopkever is een zwartbruine kever met opvallende lichte dwarsbanden op zijn beide dekschilden. Die dwarsbanden hebben een grillig patroon, maar zijn wel symmetrisch ten opzichte van elkaar. Mede gezien zijn naam kun je hem vaak op een zandige bodem zien lopen. Want hoewel hij over vleugels beschikt, vliegt hij nauwelijks. Hij loopt liever weg bij dreigend gevaar. Zijn prooien vangt hij eveneens lopend. Die prooien bestaan voornamelijk uit lopende insecten, zoals mieren. Voor zijn formaat kan hij zelfs relatief snel lopen. Zo snel, dat hij af en toe moet stoppen om zijn ogen in staat te stellen om opnieuw scherp te stellen. Door de specifieke bouw van zijn ogen, kan dit orgaan niet genoeg licht opvangen om continu een scherp beeld te vormen.

Zijn larve is trouwens ook een rover, maar die heeft het nadeel dat hij niet kan lopen. Hij graaft zich in, via een smal gaatje, in de zandige bodem. Daar wacht hij zijn langslopende prooien af, die hij met zijn relatief grote kop en met een set stevige kaken grijpt.

Verschenen 5 juli 2017