Kardinaalsmuts

Soms is de naam van een plant of dier overduidelijk, ik heb het hier als eens vaker over gehad. Dit keer betreft het de kardinaalsmuts, dat is er ook zo eentje. In de Rooms-Katholieke Kerk bestaat, net als bijvoorbeeld in het leger, een zekere hiërarchie. Uiteraard staat de paus bovenaan, gevolgd door onder andere de kardinaal, de bisschop en de priester. Elk met hun eigen kleding en versierselen. Zo heeft de bisschop een mijter (Sinterklaas was immers ook een bisschop) als hoofddeksel en de kardinaal een biretta. Dat is een min of meer vierkant hoofddeksel, waarvan de zijkanten ingedeukt zijn.

De plant kardinaalsmuts is naar dit hoofddeksel genoemd, omdat de vrucht van deze plant qua rode kleur en vierkante vorm er enigszins op lijkt. Het is een bladverliezende struik van ongeveer anderhalf tot zes meter hoog. In het wild komt hij in het centrale deel van Europa voor en is inmiddels in Noord-Amerika ingeburgerd. Uiteraard door tussenkomst van de mens. Naast de wilde variëteit bestaan er ook de nodige gekweekte vormen. Immers deze plant heeft op enkele aspecten een aanzienlijke sierwaarde.

Allereerst natuurlijk de vruchten waarnaar deze plant is vernoemd. Wanneer de bloemen bevrucht zijn ontstaan aan het eind van de zomer de doosvruchten, die fel framboosrood van kleur zijn. Soms zijn er zoveel vruchten, dat de gehele struik er rood van kleurt. De doosvrucht bestaat uit vier hokken en als die open splijten komt uit elk hok één zaadje, voorzien van een feloranje zaadhuid. De bloemen stellen overigens niet veel voor. Ze zijn klein van formaat, met vier groene kelkblaadjes en vier witgroene kroonblaadjes.

Niet alleen de vruchten zijn rood, de circa vijf centimeter lange, langwerpige bladeren  met een spitse top kleuren in het najaar eveneens rood. Zulke kleuren zijn natuurlijk een aanwinst voor elke siertuin. Niet alleen daar, onze gemeente heeft enkele exemplaren op De Berken aangeplant, in het deel tussen de afslag naar De Wilgen en naar De Elzen.

Verschenen 30 september 2020